nieuws

DE WONING VAN BET VAN BEEREN te bezichtigen op OPEN MONUMENTENDAG

BET-VAN-BEEREN-_IMG_8972_HDR.jpg

foto: Jan van Breda

 

 

Op 8 en 9 september opent Open Monumentendag Amsterdam de bovenwoning van Café ’t Mandje op de Zeedijk.

 

Jeroen van Dijk

 

Het beroemde café van Bet van Beeren is recent nieuw leven ingeblazen door haar familie. Ook de bovenwoning is in ere hersteld aan de hand van oud beeldmateriaal en gevonden meubelen en prullaria op zolder.

 

Bij binnenkomst in het café aan de Zeedijk wordt de bezoeker overdonderd door een weelde van affiches, foto’s, attributen en misschien het meest opvallende: de vele stropdassen die zijn bevestigd aan het plafond. De aankleding, typisch Amsterdamse begroeting en de geur van nostalgie brengen je terug naar legendarische tijden, alsof Van Beeren zelf zo om de hoek zou kunnen lopen. Toch zijn al deze pareltjes een reconstructie, nauwkeurig aangebracht in 2008. Het originele meubilair is namelijk ondergebracht in het Amsterdam Museum. De oorspronkelijke affiches liggen in het Stadsarchief.

De vele kleurige stropdassen, en de enkele BH, die bijna je kruin raken, zijn handmatig afgeknipt door de eerste uitbater, icoon van de Zeedijk, Bet van Beeren. Ze verzamelde souvenirs van haar bezoekers. Zo zijn er naast stropdassen en BH’s ook een leguaan en kunstgebit aan het plafond bevestigd.  De Jordanese was het uitbatersleven met de paplepel ingegoten - als kind al bottelde ze bier voor het logement dat haar moeder dreef.  In 1927 nam ze Café Amstelstroom  van haar oom over. Al snel werd dit ’t Mandje, aangezien haar moeder elke dag met een mand eten aan kwam zetten. Bet groeide uit tot de Koningin van de Zeedijk genoemd.

 

In tijden van taboe en angst rondom homoseksualiteit, uitte Bet zich openlijk als lesbische vrouw. Dit bracht ze tot uitdrukking in haar café, dat daardoor een boegbeeld en vrijplaats werd voor de LHBT+-gemeenschap in Amsterdam. Homoseksualiteit was nog steeds verboden, waardoor ze geen zoenen en ‘klef gedoe’ in het café toeliet, om zo de drankvergunning niet in gevaar te brengen. Alleen op Koninginnedag maakte de centrale biljarttafel plaats voor een dansvloer, waar mannen met elkaar mochten dansen. Voor vrouwen was dit altijd al toegestaan. Het was dan ook op die dag afgeladen vol in ’t Mandje.

 

Haar legendarische persoonlijkheid, die zich niks aantrok van de bestaande normen rondom seksualiteit en gender - door bijvoorbeeld in mannenkleding met sigaar op de motor te stappen - staat in schril contrast met het interieur van de woning boven het café. De aankleding van het krappe appartement zal velen terugbrengen naar grootmoeders tijd. De woning is afgeladen met kleine hebbedingetjes en snuisterijen van zilver en koper. De wanden zijn bezaaid met katholieke voorstellingen en de poppen staan guitig uit het raam te kijken. Maar achter deze beheerste façade komt de uitgesproken van Van Beeren alsnog naar voren: de flessen drank staan prominent in de hoek, en in de boekenkast waren afbeeldingen van naakte vrouwen verborgen - nu veilig in het Stadsarchief.

 

Op 8 & 9 september is de bovenwoning open voor publiek van 10.00 tot 17.00. 

Het bezoek natuurlijk na afloop zeer welkom voor een drankje bij Café ’t Mandje. Op beide dagen begint om 11.30 uur een wandeling langs het roze Amsterdam. Startpunt De Bazel, Vijzelstraat 32.

In het septembernummer van Ons Amsterdam

cover oa 9De redactie is weer bezig met een prachtig nummer. Dit nummer verschijnt omstreeks vrijdag 7 september. Wat u ervan kunt verwachten leest u hieronder. Wilt u het komende nummer thuis ontvangen?

Profiteer dan vóór donderdag 23 augustus van de aanbieding: 1 jaar Ons Amsterdam van € 57,99 voor slechts € 29,95 én cadeaus!

Ook leuk om cadeau te geven.

Blikslagerswerk – Het stadhuis wordt Koninklijk Paleis en krijgt lampen

Koning Lodewijk Napoleon wenste een paleis in de nieuwe hoofdstad Amsterdam. Het fameuze stadhuis op de Dam leek hem wel wat. Nou ja, met enige aanpassingen dan. Een fatsoenlijke verlichting, bijvoorbeeld. Maar niet te duur. Blikslager Hendrik Bosch en zijn maatje smid Jan Jonker kregen de opdracht van hun leven.

Lees meer...

ONBETROUWBARE BEDELAARS

In het juni-nummer van Ons Amsterdam schrijft Alice Taatgen dat in de kelders van het Paleis op de Dam - vroeger het 'huis van bewaring' van het Stadhuis - spullen zijn gevonden van bedelaars die er gevangen zaten in afwachting van hun verhoor. De spullen zijn te zien in de tentoonstelling Uitgelicht. Verhalen uit het Stadspaleis, vanaf 15 juni in het Koninklijk Paleis Amsterdam.

 
In die kerkers zat in 1741 ene Jan Baptist Fontange uit Genua. Hij was de huizen langsgegaan met een ketting om zijn nek en een handschoen aan zijn hand, die hij "lam hield". Hij poseerde als een "slaaf van de Turken" en beweerde te collecteren voor zijn broer, die in Turkije gevangen zat. Beweerde - want er klopte niet veel van zijn verhaal.

 

De zaak van Fontange lijkt opmerkelijk veel op de klucht De Schalken List ontdekt, mogelijk van Michel Willemsz, gepubliceerd rond 1708. 

 

De klucht speelt zich af in een Logement der Bedelaars in Amsterdam, een broeinest van bedrog. De arme Tijs doet of hij blind is. Peer de Waal loopt op krukken, maar kan als er een deuntje wordt gespeeld heel goed dansen, net als Platte Joost, als die zijn valse houten been heeft afgedaan. De 'beurzenkaper' Joris Franse bedelt als een 'gekwetst Soldaat', die beweert dat hij bij het beleg van Rijssel ‘ijslijk is geschooten'. Ze verdienen er flink mee, want de goede burgers zijn al snel tot tranen geroerd over zoveel ongeluk. 

 

In de klucht poseert ene ‘Klaas vol Bedrog’ net als Fontagne als een voormalig Turkenslaaf. Hij doet alsof zijn tong is uitgesneden en toont “a, a, a, a, a” stamelend zijn bedelbrief aan een dommig slachtoffer, Krelis. Joris Franse doet voor hem het woord.

 

Klaas vol Bedrog: “A, a, a, a, a, a.”

Joris Franse: “Ach? Hebt tog medelyen/ Met die zijn dierb’re Tong moest laate in Turkyen.”

Klaas vol Bedrog: “A, a, a.”

Krelis: “Wat deert de Vent?” (…)

Joris Franse: “Zijn Tong is uyt gesneen./ Hy zal ’t u laate kyken,/ Indien je bent benieuwt.”

Krelis: “Je doet me schier beswyken;/ hoe lang heeft d’arme Man der Turken Slaaf geweest?”

Joris Franse: “Alles zult gy verstaan, zoo gy dees Brief door leest.”

[Krelis leest de collectebrief en barst in tranen uit.]

Krelis: “Beklaagenswaarde Man, heb jy al die tormenten/ Verduldig uitgestaan?”

Klaas vol Bedrog: “A, a, a.”

Krelis: “Zeld’rementen!/ Kon ik dien hamersen Turk, die Moordenaar die Schavuit,/ Ik boorden hem dit Staal, zoo vliegens door zijn huit./ Neemt aan, gij kunt daar voor iets koope om te eten.”

 

De bedelaarsbende wordt uiteindelijk door de Schout opgerold en gearresteerd; ze worden gegeseld en te pronk gezet. Voortaan krijgen bedelaars die echt‘gebreklijk’ zijn een “teeken op hun Borst met Letters”, dat duidelijk maakt dat ze vrij zijn “een Aalemoes te vraagen”.

Fontange werd voor eeuwig uit de stad verbannen.