Uit het fotoalbum van scheepsbouwer Meursing Opmerkelijk

Geschreven door Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.     December 28, 2010    
2309   0   0   0   0   0

Tussen Bickerseiland en Baarn

In 1997 publiceerden wij al een artikel over de 19de-eeuwse scheepsbouwer Jan Frederik Meursing (1855-1930), naar aanleiding van een tentoonstelling over maritieme fotografen in het Scheepvaartmuseum. Dat verhaal spitste zich dan ook toe op de foto’s die hij maakte van zijn eigen werf op het Bickerseiland. Minder in het oog sprong dat hij ook een gedreven stadsfotograaf was en bovendien talloze prachtige foto’s maakte van zijn gezinsleden, huispersoneel en vriendenkring. Op een paar daarvan vergasten wij u nu alnog.

Meursings fotografische nalatenschap werd in 1932 geschonken aan het Scheepvaartmuseum, maar een aantal afdrukken bleef in familiebezit. Ze worden ons trots getoond door Jans kleinzoon Wicher H. Meursing, die zelf is vernoemd naar zijn overgrootvader. Hij heeft ook nog de camera waarmee zijn grootvader zich eind jaren twintig liet portretteren. Meursing was pas twee jaar toen zijn grootvader overleed, dus persoonlijke herinneringen aan hem heeft hij niet, van wijlen zijn vader Hooite Meursing weet Wicher dat Jan “beslist geen gemakkelijke man” is geweest. Stug, en een pietje precies. Die precisie kwam Jan natuurlijk ook wel te pas in zijn technische werk én zijn fotografie-hobby.
De Meursings waren Groningse herenboeren, die daarnaast al in de 17de eeuw schepen bouwden. Hooite Wichers Meursing (1802-1847) waagde de sprong naar Amsterdam. Dat wil zeggen: zelf bleef hij boeren in Hoogezand, maar voor zijn drie zonen van zestien, vijftien en twaalf jaar kocht hij van Jan Goedkoop een verwaarloosde werf in Nieuwendam. De jonge Wicher, Emmo en Aaldrik werden daar in het diepe gegooid, samenwonend met een huishoudster en een meesterknecht. Emmo ging al snel terug naar Groningen. Wicher en Aaldrik werden na de dood van hun vader in 1847 eigenaren van hun werf. In 1850 kochten ze er werf De Nachtegaal op het Bickerseiland bij en in 1857 Concordia op Oostenburg. Wicher verhuisde naar het Bickerseiland (waar hij ook een machinefabriekje begon), Aaldrik bleef in Nieuwendam. Geleidelijk verslechterde hun verstandhouding en in 1876 werd de firma Meursing & Co, gesplitst. Aanvankelijk boekten de Meursings succes met hun grote zeilschepen, maar na 1870 kregen ze het moeilijker door de opkomst van de stoomvaart. In 1887 hield Aaldrik ermee op, in 1910 sloot Wichers zoon Jan Frederik, eigenaar sinds zijn huwelijk in 1882, werf De Nachtegaal. Wicher en zijn zonen hadden intussen allang hun schaapjes op het droge, mede dankzij lucratieve beleggingen en de handel in onroerend goed. In 1876 verhuisde Wicher, inmiddels miljonair, naar Baarn. Ook Jan leidde een luxueus bestaan, zeker na de dood van zijn vader in 1902. Nadat hij op 55-jarige leeftijd stopte met werken, kon hij nog 20 jaar genieten van zijn eigen villa in Baarn, zijn vakanties in Zwitserland en zijn hobby’s, met name de fotografie. Daarmee was hij al omstreeks 1875 begonnen. Hij fotografeerde veel op en rond zijn eigen werf op het Bickerseiland, maar trok ook vaak de stad in, liefst langs kades en grachten. (Daarnaast reproduceerde hij soms opgeprikte prentbriefkaarten: soms zijn de punaises nog zichtbaar.) De familiefoto’s maakte hij meestal in Baarn. Ze geven een mooi beeld van het ‘ buitenleven’ van een rijke Amsterdamse ondernemer en zijn familie rond 1900.

September 2006

Powered by JReviews