Nummer 2: Februari 2010

Leeuwen op het spoor

Nog zes leeuwen zijn zoek


Tekst: Peter Paul de Baar m.m.v Theo van Maarsen

inhoud-spoorleeuwenMaar liefst 22 leeuwen sierden ooit de spoorwegviaducten die samen met het Centraal Station werden gebouwd. Tussen 1909 en eind jaren zestig zijn ze stuk voor stuk verdwenen. De vraag is: waarheen? Een clubje ijverige speurders heeft er al veertien achterhaald. Nu nog de laatste acht! Heeft u tips?

Als kleine jongen was Doeke Roos jr. al gefascineerd door de twee schrikwekkende stenen leeuwen aan de voet van de hoge trap die van de Badhuisstraat naar de Boulevard leidt in Vlissingen, de Zeeuwse havenstad waar hij opgroeide. Als volwassene – hij is nu voorzitter van de Stichting Vesting Vlissingen – ging hij op onderzoek uit naar hun herkomst. In Vlissingen wist niemand er wat van. Uiteindelijk leidde het spoor naar Amsterdam. Dat was het begin van wat een nog veel uitgebreidere zoektocht zou worden.
In 1869 besloot minister Thorbecke na ellenlang gekissebis, dat het zo gewenste Centraal Station van Amsterdam niet aan de zuidrand van de stad zou komen, maar op een langgerekt aangeplempt eiland in het IJ, tegenover het Damrak. Of eigenlijk op drie eilanden, want links en rechts van hoofdgebouw van het CS werden twee doorvaarten gegraven, de Ooster-en Westertoegang, om vaarverkeer mogelijk te houden tussen de Amstel en het IJ. Ook kwam er een viaduct aan het eind van de Korte Prinsengracht bij de Westerdoksdijk. Alle viaducten werden ontworpen door de bekende architect A.L. (Dolf) van Gendt, die onder de artistieke supervisie van hoofdarchitect P.J.H. Cuypers ook alle technische constructies van het Centraal Station bedacht had.
Van Gendt gaf zijn viaducten een bolwerkachtige uitstraling. Zij deden denken aan de oude stadswallen. Hij versterkte dit effect door op de landhoofden, de massieve pijlers van de viaducten, indrukwekkende stenen leeuwen van twee meter hoog te plaatsen. Zes kwamen er op de spoorbrug over de Korte Prinsengracht, acht aan weerszijden van de Westertoegang en evenzo acht bij de Oostertoegang. Ze keken allemaal opzij: de ene helft naar de haven, de andere helft naar de stad. Die laatste hielden het stadswapen (met de drie andreaskruisen) vast, de anderen het rijkswapen (met de klimmende leeuw). Alle leeuwen zijn gehakt uit Oberkirchner zandsteen door beeldhouwer Tobias van Nieuwenhoven (1844-1883).
De oudste zijn de leeuwen op de spoorbrug over de Korte Prinsengracht, onderdeel van een langgerekt gemetseld viaduct met 80 bogen langs de Haarlemmer Houttuinen. Net als die spoorbrug dateren deze leeuwen uit 1875, toen met de bouw van het Centraal Station nog niet eens was begonnen. Dankzij dit viaduct kon het kopstation van de spoorlijn naar Haarlem en vice versa verplaatst worden van even buiten de Haarlemmerpoort naar het gloednieuwe Westelijk Stationseiland bij de Droogbak. Een paar later kwam er over de nog vrijwel lege twee andere stationseilanden een aansluiting met de spoorlijn naar Utrecht en het oosten des lands, die voorheen niet verder kwam dan het Weesperpoortstation. Toen werd dit ‘hulpstation’-Droogbak feitelijk het eerste centrale station van Amsterdam.
De leeuwen bij de Westertoegang en de Oostertoegang stonden er in ieder geval al in het voorjaar van 1877, blijkt uit opnamen van fotopionier Pieter Oosterhuis.

Verspreid door Nederland
De eerste leeuwen die verdwenen, waren die van de Westertoegang. Al van begin af aan kampte het spoorviaduct daar met verzakkingsproblemen door de slappe bodem. Het verwijderen van de allereerst de leeuwen aan de noordkant bood echter geen soelaas. Uiteindelijk werd het hele viaduct in 1909 gesloopt en 85 meter westelijker opnieuw gebouwd. Op het nieuwe viaduct keerde geen van de leeuwen terug. Twee ervan (is inmiddels ontdekt) werden voor ƒ225, – verkocht aan de gemeente Vlissingen. De ene draagt nog steeds het rijkswapen, maar het Amsterdamse wapen van de andere is verbeiteld tot het stadswapen van Vlissingen. Op de plek van de oude Westertoegang staat nu de laagbouw van Hotel Ibis.
In 1928 werden de sporen over het bogenviaduct langs de Haarlemmer Houttuinen gemoderniseerd en werd een deel van de Lijnbaansgracht gedempt. Hoogstwaarschijnlijk zijn tijdens die operatie de zes leeuwen hier verwijderd.
De leeuwen van de Oostertoegang hielden het langst stand: tot eind jaren zestig op het oostelijk stationseiland alias het Oosterdokseiland het Stationspostkantoor werd gebouwd en in een moeite door alle sporen en viaducten werden gemoderniseerd.
Maar weg is niet helemaal weg. Onlangs kwam bij de bouw van een hotel op het Oosterdokseiland tijdens het weghakken van beton nog wel een robuuste muur van het 19de-eeuwse landhoofd te voorschijn, aan de westkant van brug No. 228. Op advies van Bureau Monumenten & Archeologie wil de gemeente die oude muur nu zichtbaar houden. Vier leeuwen van de Oostertoegang belandden in 1972 in het Beatrixpark, waar toen de Florida werd gehouden, reconstrueerde al vele jaren geleden gevelstenenkenner en Ons Amsterdam-medewerker Onno Boers.
En waar bleven de andere leeuwen? Naar aanleiding van een interviewtje in De Telegraaf eind 2008 wezen diverse lezers op de twee leeuwen voor buitenplaats Leeuwenburg in Maarssen, al is nog steeds niet helemaal zeker of die wel uit Amsterdam komen. Ook meldde zich Theo van Baarsen met het bericht dat één leeuw nu te vinden is voor zijn huis in Amstelveen en een ander bij zijn nicht in Amsterdam-Noord. Dat moeten Haarlemmer-Houttuinenleeuwen zijn geweest, want de familietraditie wil dat Theo’s opa ze “een jaar of 75 geleden” eigenhandig verwijderde en naar zijn bedrijf in zand en grind te Buiksloot heeft vervoerd. Van Baarsen en zijn broer sloten zich prompt bij de ‘Grote Expeditie’ van Doeke Roos aan.
Ten slotte liet H.J. Hengeveld uit Elburg De Telegraaf weten dat daar bij de Goorpoort twee kolossale leeuwen staan – maar met op hun schild de afbeelding van een poort, in plaats van het rijks- of stadswapen. Een aanwijzing dat ze toch Amsterdams zijn, is dat ze in 1954 werden geschonken door de Amsterdamse kunsthandelaar Jack Vecht. Ook kwamen er nog twee leeuwen boven water die in een tuin in Wassenaar staan; tot 1985 bewaakten zij de toegang van dierenpark Wassenaar.
Vooropgesteld dat de leeuwen in Wassenaar, Maarssen en Elburg van de Amsterdamse spoorviaducten afkomstig zijn, missen we er nu dus nog acht. Wie weet waar ze heengingen? En wie weet meer over de eerder genoemde leeuwen? Alle tips zijn welkom bij Ons Amsterdam: Hillegomstraat 12-14, 1058 LS Amsterdam, of Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..