het Vondelpark, zomer 1971 Opmerkelijk

Geschreven door Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.     Maart 22, 2012    
5081   0   0   0   0   0

Summer of love liep af in mineur

Ze maken muziek, discussiëren, geven de hasjpijp door. ’s Ochtends liggen ze héél lang in hun slaapzak op het gras.’s Avonds is er een concert om te protesteren tegen het in beslag nemen van muziekinstrumenten Zo toont het Polygoonjournaal de hippies in het Vondelpark. Wat daar gebeurt in de zomer van 1971 is wereldnieuws. Op het hoogtepunt slapen 1500 tot 2000 jongeren in het park. Amsterdammers gaan op zondag ‘hippies kijken’.

Tekenen, schilderen, sieraden maken, gitaar spelen of de hele dag voor je uit staren. Tot je middel in de vieze vijver zitten of onder een stralende hemel eindeloos opgerold in je slaapzak blijven liggen en de zon negeren. Roken of trippen, dansen of ‘flippen’. Tekeer gaan tegen het ‘fucking system’ of gewoon genieten van ‘good vibrations’. Het kan tijdens de Amsterdamse ‘summer of love’ van 1971 in het Vondelpark. Échte hippies, nieuwsgierige jeugdtoeristen en al dan niet ludieke randfiguren komen er van heinde en ver op af.
Magisch centrum Amsterdam is voor jongeren al sinds eind jaren zestig een geliefd reisdoel, dus de massale opkomst is niet zo gek. Nieuw is dat de gemeente Amsterdam dat jaar voor het eerst faciliteiten verstrekt om het jeugdtoerisme in de open lucht in goede banen te leiden.
Al in het voorjaar is het ‘Vondelparkproject’ van start gegaan: het antwoord van gemeentelijke beleidsmakers op het probleem van het ‘Damslapen’. Steeds meer jonge toeristen gaven er de afgelopen jaren de voorkeur aan om te overnachten aan de voet van het Nationaal Monument op de Dam. Niet iedereen was daar blij mee. In de zomer van 1970 kwam het zelfs tot gewelddadige confrontaties, waarbij de Dam onder andere werd ‘schoongeveegd’ door mariniers uit Den Helder. In augustus jaar werd het ‘Damslapen’ verboden. Maar daarmee was het vraagstuk de wereld nog niet uit. Want waar moesten de jongelui volgend jaar naar toe?
Vanaf mei 1971 staat Piet Riemens van het Vondelparkproject met zijn team voor ze klaar. Zijn hoofdkwartier is gevestigd in de voormalige Huishoudschool aan het Zandpad (tegenwoordig Hostel Amsterdam Vondelpark), maar de klanten worden al opgewacht in een informatiewagen op de Stadhouderskade bij de ingang van het park. Daar geeft het Leger des Heils algemene inlichtingen over de stad en over de mogelijkheden om in het park te slapen.

Slapen rond de vijvers
Als de bezoekers verder lopen vinden ze in het hoofdgebouw op het Zandpad een bagagedepot, een geneeskundige post, wasgelegenheid en toiletten. Voor de avonduren en bij slecht weer is er ‘Studio 7’ onder Vondelbrug: de recreatieruimte, waar voorzien is in muziek, eten en drinken. Bij de fruitstal is soms zelfs een stukje hasj te koop. Slapen en hangen in de openlucht kan rond de vijvers aan de andere kant van de onderdoorgang van de brug.
Meteen met Pinksteren worden al 100 slapers in het park gesignaleerd en dat aantal loopt snel op tot enkele honderden. In het begin zijn er veel Amerikanen bij en dat zijn vaak overtuigde hippies met politieke opvattingen en een principiële houding. Bij de organisatie van het project vallen ze verder op vanwege hun klachten over gebrek aan douchemogelijkheden. Deze sympathieke maar soms wat verwende Amerikanen krijgen al snel gezelschap van Franse, Italiaanse en andere zwerfjongeren, die minder welkom zijn. De leiding van het project stelt vast dat sommigen zich schuldig maken aan kleine criminaliteit.
Natuurlijk zijn er ook Amsterdammers en andere Nederlanders onder de vaste slapers, waaronder enkele opvallende randfiguren en veel jongeren die toch al geen dak boven hun hoofd hebben. Rond 1 juli begint het storm te lopen. Dat hangt samen met het begin van schoolvakanties in Duitsland en andere Duitssprekende landen. De vaak erg jonge scholieren vormen een zorgwekkend gemakkelijke prooi voor kleine criminelen en agressievelingen, die zich in steeds grotere getalen onder de slapers hebben gemengd.

Drugshandel en intimidatie
“No dealing, no hard drugs, smoking oké.” De tekst op een bordje bij de ingang van Studio 7 onder de Vondelbrug is veelzeggend. Eind juli wordt de sfeer in het park minder ‘happy’ – en niet alleen doordat het na een lange periode van onafgebroken zomerweer is gaan regenen. Projectleider Riemens zal achteraf in zijn evaluatierapport vaststellen dat zo’n 20% van de aanwezigen in het Vondelpark in de zomer van 1971 niet tot de hippies en niet tot de jeugdtoeristen gerekend kon worden: 10% was crimineel en 10% randcrimineel. Zij zorgden voor flinke problemen.
In het begin gaat het vooral om intimidatie en kleine diefstallen, maar op den duur zorgen steeds grover geweld en de daarmee meestal samenhangende drugshandel voor grote narigheid. Er wordt veel rotzooi als hasj verkocht, hard drugs duiken op en het gebruik van LSD leidt tot tonelen die niemand voorzien lijkt te hebben. Voor onwetende toeristen die een ‘bad trip’ hebben, komt er een speciale ‘flipkamer’ in de voormalige Huishoudschool op het Zandpad en die wordt veel gebruikt.
Eind juli kan het Vondelparkproject niet meer buiten een speciaal ‘Vondelparkdetachement’ van de Amsterdamse politie, dat steeds vaker moet ingrijpen. In augustus komt het zelfs tot een politie-inval in Studio 7, waar drugshandel en intimidatie de medewerkers van Riemens volledig boven het hoofd groeien. Zo loopt het project tegen het eind van die maand af in een sfeer die alleen nog in de verte herinnert aan het onbekommerde begin in mei. Er zijn dan nog slechts 200-300 slapers over en de vaste kern heeft zich – symbolisch voor zowel het weer als de sfeer – genesteld in de donkere onderdoorgang van de Vondelbrug.
“Het hele verhaal van het Vondelpark doet mij voortdurend denken aan ‘roodkapje en de boze wolf’”, schrijft Pieter Riemens in het boekje waarin hij zijn evaluatie van Vondelparkproject in het najaar van 1971 voor het publiek heeft vastgelegd. Hij erkent dat het uit de hand is gelopen en bepleit voor het volgend jaar een stevigere organisatie en betere samenwerking met de politie: “De openheid moet om der wille van de leefbaarheid gestructureerd worden.”

TEKST: Marius van Melle en Niels Wisman

Juli/augustus 2011

Powered by JReviews